Techniek

Machinerie 
In de machinekamer bevindt zich een horizontale gelijkstroomstoommachine van 500 pk van het fabrikaat Stork & Co, daterend uit 1923. Aan de machine is een gecombineerde koelwater-/vacuümpomp gekoppeld. De koelwaterpomp pompt koelwater door de condensor, de vacuümpomp zorgt ervoor dat er een vacuüm in de condensor blijft heersen. In de condensor wordt de stoom gecondenseerd door koeling met water dat via in de Ringvaart staande filters wordt aangevoerd. 

De in de condensor tot water gecondenseerde stoom wordt naar een voorraadvat ("warmwaterbak") gevoerd. Van daaruit wordt het water, door een aan de stoommachine gekoppelde pomp, onder hoge druk naar het ketelhuis en in de ketel geperst. 

De heen- en weergaande beweging van de stoommachine wordt via een krukas omgezet in een draaiende beweging. Aan de krukas is een zwaar vliegwiel gekoppeld. Op hun beurt drijven de krukas en het vliegwiel, via twee stelsels rondsels en tandwielen zes schepraderen aan. De schepraderen hebben een diameter van 7,5 meter en zijn 2 meter breed. 

Naast de grote machine bevindt zich in de machinekamer nog een kleine stoommachine, de zogeheten tornmachine. Deze wordt gebruikt tijdens het voorverwarmen van de stoommachine en om hem voor het starten in de juiste positie te brengen. Direct daarna wordt de hoofdstoomafsluiter geopend, waarna de machine al snel op toeren komt.

Stoomketels 
In het ketelhuis van Stoomgemaal Halfweg staat één ontmantelde en één werkende 3-treks Babcock en Wilcox ketel. De ketel kan 3 ton stoom per uur produceren bij een druk van 16 bar. Mocht de druk hoger worden, dan treedt met een oorverdovend lawaai een veiligheidsklep in werking. 

Achter Ketel 2 staat een economiser, waarin het uit de machinekamer aangevoerde condenswater wordt voorverwarmd voordat het in de ketel komt.  

Aan de ketel zit een manometer en een peilglas voor het controleren van de druk van het waterpeil in de ketel. Dit waterpeil is van het grootste belang, want bij een te hoge waterstand functioneert de ketel niet goed en een te lage waterstand is uiterst riskant. Bij een te lage waterstand treedt een alarmfluit ("Blackfluit") in werking. 

Het stoken van de ketel vraagt veel vakmanschap. De stoker moet constant alert zijn en zorgen voor een goed vuurbed. Naast de ketel staat een kast met diverse meters en een schrijvende meter die de samenstelling van de rookgassen weergeeft: het monotoestel. Aan de hand van het hierdoor opgetekende diagram kan de stoker zien hoe goed hij stookt. 

Schoorsteen 
De huidige schoorsteen dateert uit 1911. In 1957 is de schoorsteen verhoogd van 34 tot 39 meter. De buitendiameter onderaan is 3,8 meter. De schoorsteen rust op een betonnen funderingsplaat van 5,15 bij 5,15 meter, rustend op 36 heipalen. In 2015 zijn aan de schoorsteen herstel- en onderhoudswerkzaamheden uitgevoerd.